Al van commons gehoord?

Burgercollectief? Commons-initiatief? Misschien klinken deze woorden je bekend in de oren; maar wat betekenen ze precies? In deze post gaan we dieper in op de geschiedenis van het commons gedachtengoed en komen enkele Belgische voorbeelden aan bod.

De tragedie

In de jaren zestig maakte de ecoloog Garrett Hardin zich zorgen om de bevolkingsgroei. Hij vroeg zich af hoe we de uitputting van natuurlijke rijkdommen een halt kunnen toeroepen. Aanvankelijk keek hij naar natuurlijke rijkdommen die moeilijk te controleren zijn en vroeg zich af hoe we overbevissing van onze zeëen of overbegrazing van weilanden onder controle kunnen houden. Een visser die extra veel vissen vangt, zal meer opbrengst hebben maar brengt daardoor het aanbod voor andere vissers in gevaar. Wanneer alle vissers extra veel vissen komt uiteindelijk het voortbestaan van de vispopulatie in gevaar. Het dilemma dat Hardin aankaartte is sindsdien gekend onder de noemer ‘Tragedy of the Commons’.

Het dilemma is van toepassing op alle publieke goederen die we delen zoals grasland, visserijgebieden, leef- en wooruimte en zelfs de lucht die we inademen. Hoe vermijden we de negatieve effecten door overdadig gebruik? Eigenbelang voor het individu is misschien nuttig op korte termijn, maar op lange termijn gaat iedereen erop achteruit.

Om het probleem van overbevissing en overbegrazing op te lossen zijn economen, sociale en politieke wetenschappers tot drie mogelijke controle methoden gekomen:

  • de overheid controleert, bijvoorbeeld door boetes op overbevissing,
  • marktwerking: men kan controle verwerven door privatisering
  • maatschappij: een gemeenschap beheert bijvoorbeeld het natuurgebied waarin zij leven.

Acht principes

Een tweede naam om te onthouden is die van Elinor Ostrom. Ze toonde aan de hand van honderden studies aan dat wanneer burgers gezamenlijk infrastructuren en hulpbronnen beheren als een gemeengoed, vaak in samenspraak met de overheid, dit leidt tot een duurzaam model, zowel ecologisch als economisch.

Ze bestudeerde onder andere een Zwitsers dorp waar meerdere boeren hun koeien lieten grazen op een gemeenschappelijke weide en ontdekte dat er geen problemen waren met overbegrazing. Toen ze inzoomde op de afspraken die er golden, ontdekte ze een patroon dat ze ook in andere gemeenschappen wereldwijd terugvond:

  1. De gemeenschap is duidelijk afgebakend.
  2. De spelregels voor de gemeenschappelijke goederen beantwoorden aan lokale behoeften en voorwaarden.
  3. Wie door de regels wordt beïnvloed, kan deelnemen aan het wijzigen ervan.
  4. De regelgevende rechten van leden van de gemeenschap worden gerespecteerd door externe autoriteiten.
  5. De gemeenschap ontwikkelt een manier om het gedrag van leden te volgen.
  6. De sancties voor het overtreden van regels zijn dezelfde voor iedereen.
  7. Geschillen worden op een goedkope en toegankelijke manier behandeld.
  8. De verantwoordelijkheid voor het beheren van de gemeenschappelijke goederen is ingebed in elke laag van het systeem.

Met haar inzichten rond de rol van gemeenschappen in het beheer van publieke eigendommen behaalde ze in 2009 de Nobelprijs economie.

Een brede toepassing

Sindsdien wordt de gemeenschapsmethode niet alleen toegepast op het beheer van natuurlijke rijkdommen, maar ook op het uitwisselen van kennis en in stedelijke contexten.

Recent onderzocht de Belgische peer-to-peerexpert Michel Bauwens  bijvoorbeeld hoe de stad Gent kan evolueren naar de ‘commons stad van de toekomst’. Bauwens, die het Commons Transitie Plan van Gent bergeleidde, pleit voor de betrokkenheid van burgers bij het bestuur van een stad.

“Vandaag slagen allerhande burgers er in om een ecologische en efficiënte oplossing te vinden voor concrete problemen. Waarom zouden we er niet voor kiezen om bijvoorbeeld dertig procent van het overheidsbudget in zo’n initiatieven te investeren? Het besef is nodig dat niet enkel markt en staat, maar ook burgers deel zijn van de oplossing” (De Wakkere Burger Vzw)

Sharing Cities

Dat Gent niet de eerste stad is om deze transitie op te starten bewijst het netwerk Shareable, dat vanuit de VS al heel wat “sharing cities” in kaart heeft gebracht. Dit zijn steden waar de inwoners onder andere mee kunnen beslissen over het stadsbudget.

Van landbouwgrond tot inspraak in het budget en de levenskwaliteit in een stad, het commons-beheersmodel blijkt een methode van bestuur te zijn die in de handen van burgers ligt en die toegepast kan worden op een breed pallet van gedeelde natuurlijke rijkdommen.

Een vage grens

De groep die beslist, vergadert en een commons beheert, wordt in stedelijke contexten vaak een burgercollectief genoemd. Volgens Oikos Denktank zijn burgercollectieven sterk toegenomen in België sinds 2009. Burgers creëren zelf alternatieven wanneer markt en overheid als waarborger van gemeenschappelijke welvaartsbronnen aan vertrouwen inboeten.

Er zijn dus steeds meer burgercollectieven en Commons-initiatieven. Maar hoe bepaal je dat jouw initiatief een Commons-initiatief is? In de praktijk blijkt de grens wat vager te zijn. Bijvoorbeeld, beschouw je deelinitiatieven als LETS (alternatieve muntsystemen) en repair cafés als een commons? En hoe zit het dan met collectieve moestuinen, co-housing projecten, coöperaties waar investeerders mee beslissen over regels? En dan zijn er nog talrijke transitie-groepen en deelnetwerken…

De hoger aangehaalde principes van Ostrom geven wat richting. Zo zullen we een buurtbarbecue minder snel als een commons zien, maar een gemeenschappelijke oven waar burgers de initiatiefnemers zijn en op lange termijn beslissingen maken over de regels van het gebruik ervan wel. Kortom: burgers spelen een actieve en structurele rol in de oprichting, besluitvorming en toekomst van het initiatief.

Commons initiatieven in de Vicinia atlas?

Je maakt het meeste kans om commons-initiatieven op de atlas te vinden door te zoeken op types. Selecteer “Deelnetwerk”, “Sociale en ecologische economie” of “Burgercollectief”. Hier zijn alvast enkele voorbeelden:

  • Bij landbouwcoöperatie Agricovert beslissen partners hoe de oogst gedistribueerd wordt.
  • Community Land Trust werkt met collectieve eigendomsrechten om huisvesting toegankelijk te maken voor iedereen.
  • In Vissenaken formuleert het burgercomité voorstellen voor de herinrichting van de publieke ruimte in het dorp.
  • Energiecoöperatie Zuidtrant laat burgers samen beslissen hoe zij willen investeren in duurzame energie.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *